Blog: “Als Toen”

J. de Boer on 1 juni 2020

‘’Ik weet niet of er nog mededelingen zijn? Zo niet, dan zie ik jullie volgende week!’’

Nooit verwacht dat die week zou veranderen in nu al 10 weken, en wie weet hoeveel weken er zullen volgen.

Wij als muzikanten vormen een groep die onderling gehoord worden, hun gemis kunnen delen en steun kunnen zoeken bij elkaar, maar wij zijn de enige die elkaar begrijpen. We zien dingen om ons heen weer opstarten, de voetbalclub, de hockey- en basketbal clubs in de buurt maar wij wachten onze beurt (on)geduldig af.

Laten we voorop stellen dat gezondheid in alle opzicht voor gaat en het belangrijkste is, maar dat neemt niet weg dat wij niet mogen balen van de situatie. Nooit hadden wij gedacht dat ons laatste optreden misschien wel voor heel lange tijd onze laatste zou zijn, dan hadden we er nog extra van genoten.

Laten we terug gaan:

Dat ene optreden waar je zo lang op gewacht hebt. Een busreis er naartoe die veel te lang heeft geduurd, maar het allemaal waard was. Op locatie eindelijk je uniform aan wat voelt als je super suit, want iedereen kijkt tegen jou op. Iedereen komt voor jou, voor jullie, om te bewonderen waar jullie zowel individueel als in collectief doen waar jullie het aller beste in zijn.

Het publiek loopt binnen en je staat te wachten tot het tijd is om op te gaan, en natuurlijk kun je het niet laten van achter te gluren naar het korps wat nu op de vloer loopt waar jij zo je stempel weer op gaat drukken. Waar je vanaf Oktober naar uit hebt gekeken.

Het applaus van het publiek vervaagt, en nu is het jullie beurt. Het eerste commando van je maître galmt na en de adrenaline begint te gieren terwijl het publiek op de achtergrond ruimte maakt voor stilte. Het tweede commando volgt en je bent er klaar voor. Je show performen waar je zo lang op heb gewacht, bloed, zweet en tranen in hebt gestoken. Zo hard voor gewerkt hebt met elkaar. Je zult het niet snel toegeven en ook niet hard op zeggen, maar stiekem begint je hart er sneller van te kloppen.

Dan nog niet eens gesproken over de parades. De parades waar je altijd zo over klaagde, want ze duren zo lang. En het is zo warm, midden in de zomer. In vol ornaat. Helmen inclusief handschoenen. Je zwarte lak schoenen met poeties er over die het net nog een tikkeltje ondraaglijker maker. De zon die brand op je voeten waardoor je om de paar seconden je voet een fractie anders neer te zetten om het wat beter uit te houden. En dan als klap op de vuurpijl loop je die ellende lange parade misschien nog wel in het buitenland. Frankrijk of Luxemburg waar het nog net een tikkeltje warmer is. Na een uurtje of 3 ben je dan eindelijk klaar, je hebt het zweet overal naar toe voelen stromen, het beste uit jezelf gehaald en weer heel wat kilometers gelopen. Dan eindelijk mag die helm af, het zweet staat aan de binnenkant en het druipt van je hoofd af, en als klap op de vuurpijl moet je je ook nog eens omkleden achter of in de bus omdat je niet genoeg tijd hebt, want de chauffeur moet door. Dingen waar je heel gefrustreerd van kon raken, maar tegelijkertijd was je blij dat je dat kleffe uniform uit kon trekken.

Dit alles besprak je na in de kantine van je clubgebouw onder het genot van een biertje. Toen kon je er allemaal weer om lachen. Onder het genot van een biertje wat later een cola werd want ja, op den duur moest je er toch aan geloven en weer naar huis rijden, al werd dat vaak later dan gepland. Op dat moment baalde je misschien. He, morgen weer vroeg aan het werk en het is alweer zo laat geworden. Nu, zou je willen dat het nog net even wat langer had geduurd. Nog even dat laatste grapje had gemaakt, en nog wat meer had genoten van dat laatste nummer wat je dirigent wou horen terwijl je als blazer zijnde geen lippen meer over had om nog een nummer uit te persen.

Echter zijn er misschien ook positieve kanten aan deze periode. Je hebt elkaar meer leren waarderen, je komt er achter dat wat je hebt met je club, en met alles en iedereen die er bij hoort toch wel heel waardevol is. En misschien, klinken we hierna wel beter dan ooit tevoren. Lachen we daarna harder en is elkaars aanwezigheid meer waard dan ooit.

Ik zou de dagen willen aftellen maar dat vooruitzicht hebben we helaas nog niet. Wat we wel kunnen is uit kijken naar die dag. Naar de dag dat je eindelijk weer de eerste voet over de drempel van je clubgebouw. Het moment dat toch wel gaat voelen als thuiskomen, en stiekem ook wel een beetje als je familie weer zien. Wij als muzikanten beseffen ons dat wij best wel een bevoorrecht leventje hebben. Een busreis hier naartoe, met het vliegtuig daar naartoe, en zelfs op plek van bestemming reizen we nog van hot naar her. Op het moment zelf is dat allemaal normaal, maar achteraf waardeer je pas hoe bijzonder het eigenlijk is.

Een goede gezondheid gaat voor alles, en wij als club beseffen ons dat al te goed. Daarom wachten wij (on)rustig af tot de dag dat ook wij groen licht krijgen en we weer kunnen doen waar we het best in zijn.

Ik kijk nu al uit naar de dag dat we met zijn allen in de kantine zitten en allemaal weer veel te laat naar huis gaan.

-Kisha